Nergens beter dan op Molokaï

Op 10 mei 1873 kwam Pater Damiaan aan in de melaatsennederzetting van Molokaï. Een blanke missionaris koos de kant van het Hawaiiaanse volk dat het meest te lijden had van de ziekte en de segregatiepolitiek. Voortaan was de melaatsennederzetting niet enkel een vergeetput maar een verbanningsoord waarop de ogen van de wereld gericht waren. Damiaan fungeerde als luidspreker voor de grieven en de eisen van de zieken. Zoals weinig andere blanke medebroeders van zijn tijd identificeerde hij zich ten volle met zijn melaatse medemensen. Hij had het over ‘Wij, melaatsen’ nog voordat bij hem de ziekte officieel werd vastgesteld.

De gehele mens

Zijn allesomvattende opdracht beoogde de gehele mens, ziel en lichaam, zonder onderscheid naar afkomst of religie. Die aanpak sloeg aan. Toen confrater Aubert Bouillon bij Damiaan op bezoek kwam en de tijd nam om even te praten met de zieken, hoorde hij overwegend positieve geluiden: “Ik vroeg aan heel wat melaatsen of ze hun bestaan betreurden. Ze zeiden me van niet. We zijn erg tevreden over het bestuur van de leprozerie en vooral over onze pastoor. Hij is erg bekommerd om ons. Hij bouwt zelfs eigenhandig onze huizen. Als iemand van ons erg ziek is, brengt hij ons thee, crackers, suiker. Hij geeft zijn kleding aan de armen. Hij maakt geen onderscheid, of we nu katholiek of protestant zijn”.

Copyright Damiaan Vandaag

Damiaan en de weesjongens, 1889 – copyright Damiaan Vandaag

Zin en betekenis geven

Vanaf het begin deed Damiaan er alles aan om de materiële levensomstandigheden in de nederzetting te verbeteren. Goede voeding, zuiver water, aangepaste kleding, degelijke huisvesting en noodzakelijke medische zorgen, maakten van een levend kerkhof opnieuw een leefbare plaats. Maar er is meer nodig om van die leefbare plaats opnieuw een menselijke samenleving te maken. Damiaan zette in op ontspanning en probeerde opnieuw zin en betekenis te geven aan levens van ongeneeslijk zieke mensen, gescheiden van familie en vrienden, verbannen uit de samenleving. Omringd als hij was door pijn en verdriet, probeerde Damiaan blij en opgewekt te zijn. Zijn optimisme doorspekt met heel wat humor, werkte aanstekelijk. Eucharistievieringen gaven hoop en troost en versterkten het gemeenschapsgevoel. Een koor en muzikanten luisterden ze op. Ook processies, hoog bezoek en zelfs begrafenissen brachten de kolonie in een feeststemming. Damiaan richtte al een jaar na zijn aankomst een fanfare op en zorgde voor instrumenten.

Damiaan wist dat lichaamsbeweging goed was voor de zieken. Hij leerde zijn zieke parochianen opnieuw bewegen. Wie het kon, hielp Damiaan bij zijn talrijke bouwondernemingen. Daarnaast promootte Damiaan het paardrijden. De kinderen genoten ook wel eens van een verfrissende zwempartij. De weeskinderen droegen werkelijk zijn hart weg. Hij ontfermde zich over hen als een vader, zorgde voor onderwijs en maakte tijd om met hen te spelen.

Damiaan en meisjeskoor -copyright Damiaan Vandaag

Damiaan en meisjeskoor, 1878 -Copyright Damiaan Vandaag

De blijheid van de mensen

Wie kennismaakte met de nederzetting beschreef het samenleven daar in idealistische, bijna utopische bewoordingen. De Amerikaanse marinedokter Woods beschrijft scenes uit de nederzetting in de tijd van Damiaan die zo uit een hedendaags vakantiepark geplukt lijken. In 1887 liet hij Damiaan ook persoonlijk weten dat hij nergens ter wereld een leprozerie had bezocht waar de zieken het zo goed hadden. Amerikaans schrijver Charles Warren Stoddard idealiseert Damiaan in een geromantiseerd verslag van zijn bezoek in 1884 als een nieuwe Sint-Franciscus met aandacht en zorg voor alle levende wezens. De Engelse gentlemen en schilder Edward Clifford die Damiaan bezocht in december 1888, verwonderde zich over “het spektakel van de blijheid van de mensen, de schoonheid van het landschap, en het alles bij elkaar zoete bestaan dat men er leidt”. Wat deze ooggetuigen beschrijven, heeft dus veel weg van een utopie die werkelijkheid werd.

Niet alleen

Damiaan deed dit alles niet zonder slag of stoot en ook niet alleen. Hij vereenzelvigde zich met zijn zieke medemensen op Molokaï. Hij was er niet enkel voor hen maar samen met hen. Steun en sympathie kwam er vanop de eilanden zelf, uit de Verenigde Staten en Europa, vaak uit protestantse hoek. Maar hij ondervond ook onbegrip, tegenwerking, weerstand soms zelfs vijandigheid. Twijfels en depressieve gedachten overmanden hem in dagen van eenzaamheid en onzekerheid over wie zijn werk zou voortzetten. Hij kwam het telkens te boven dankzij zijn mentale veerkracht, zijn creativiteit en zijn niet aflatende werk- en levenslust. En vooral door de dagelijkse eucharistie en zijn gebed.

Portret Damiaan mediterend, 1888 door Edward Clifford - copyright Damiaan Vandaag

Portret Damiaan mediterend, 1888 door Edward Clifford – copyright Damiaan Vandaag

Het onmogelijke

Door zijn geloof in het onzichtbare, bleek Damiaan in staat tot het onmogelijke. Hij realiseerde de utopie in de kiem aanwezig bij zijn aankomst. Hij was de priester-missionaris bij uitstek. Hij zag mensen in ten dode opgeschreven zieken. Hij maakte van een levend kerkhof en een oord zonder wet een leefbare plaats, een menswaardige samenleving.

Zicht op Kalawao, Molokaï, 1888 door Edward Clifford - copyright Damiaan Vandaag

Zicht op Kalawao, Molokaï, 1888 door Edward Clifford – copyright Damiaan Vandaag

Ruben Boon, projectleider Damiaan Vandaag


Damiaan op de expo ‘De utopie van een missie’ in KADOC. Voor meer info, klik hier.

Advertenties

Damiaangebed

Bij de zaligverklaring van Pater Damiaan in 1994-1995 verspreidden de paters en de zusters van de Heilige Harten onderstaand Damiaangebed. Hierin bidden we dat wij allen meer en meer doordrongen mogen worden door de inspiratie die ook Damiaan bezielde.

Op de grote Dokter Hemerijckx-viering in Ninove op 15 oktober 2016 spraken alle aanwezigen samen dit gebed uit. Het heeft nog niets van zijn actualiteit verloren.

God, onze Vader,
wij danken U voor Pater Damiaan.
Om Jezus, uw Zoon in alles te volgen
is hij naar Molokaï gegaan, naar de uitgestoten lepralijders,
en is er één van hen geworden,
tot in de dood toe.
Daardoor heeft hij ze
hun menswaardigheid teruggeschonken
en weer toekomst gegeven.
In hem is duidelijk geworden
hoezeer Gij alle mensen liefhebt.

Nu vragen wij U:
moge uw Geest ons bewegen
om in Damiaans voetspoor te gaan,
en moge zijn geloof het onze worden.
Leer ons oog en hart te hebben
voor mensen die niet meetellen
of buitenspel zijn gezet.
Doe mensen opstaan
die dezelfde weg gaan
die hij is gegaan.
Dit vragen wij U,
goede God,
Die ons blijft liefhebben,
vandaag,
en alle dagen,
tot in de eeuwigheid.
Amen