Molokaï in feeststemming

In maart 1874 kwam de Nederlandse pater André Burgerman Damiaan vervoegen in de melaatsennederzetting van Molokaï. Hij zou er blijven tot augustus 1880.
In april 1874 kreeg de nederzetting koninklijk bezoek. De Hawaiiaanse krant The Pacific Commercial Advertiser berichtte dat een grote menigte koning Kalakaua en koningin Kapiolani op de kade kwam begroeten met hartelijke aloha’s. De band met trommel- en fluitspelers maakte het welkom helemaal af. Een heer uit het koninklijk gezelschap merkte de vaardigheid en beheersing op waarmee de muzikanten hun instrumenten bespeelde. De schoonheid en levendigheid van de door hen voortgebrachte klanken stak schril af bij hun door de lepra getekende en misvormde gezichten. De vrolijke muziek deed maar vreemd aan in zulk onherbergzaam ballingsoord.

Rustaltaar tijdens de sacramentsprocessie, ingekleurde glasdia, Molokaï, anoniem, omstreeks 1900.

Rustaltaar tijdens de sacramentsprocessie, ingekleurde glasdia, Molokaï, anoniem, omstreeks 1900.

 

Enkele weken later was de nederzetting alweer in feeststemming. Dan vond immers de processie voor Sacramentsdag plaats. Dit jaarlijkse katholieke feest wordt door gelovigen wereldwijd gevierd op de tweede donderdag na Pinksteren. Op Molokaï groeide dit katholiek feestje uit tot een oecumenische happening avant la lettre. Pater André beschrijft deze heuglijke dag voor de nederzetting in geuren en kleuren:

De processie op Sacramentsdag was allermooist. (…) Om drie uur in de namiddag kwam de processie op gang; deze was opgedeeld in drie groepen. In de eerste groep werden drie spandoeken gedragen (…) De tweede groep, die opstapte na het draagbare altaar, werd gevormd door het muziekkorps, het vrouwenkoor en het mannenkoor. In de derde groep werd het Heilig Sacrament meegedragen. (…) Muzikanten in blauw uniform sloten de stoet af. Gedurende de ganse processie werd fanfaremuziek afgewisseld met gezang door nu eens het vrouwenkoor dan weer het mannenkoor. De andere gelovigen baden heel de tijd door de rozenkrans. De gehele leprozerie was op de been; ook de protestanten volgden eerbiedig, of ontblootten het hoofd wanneer het Heilig Sacrament werd voorbijgedragen; er waren zelfs enkelen die mee opstapten in de processie. Toen we terug bij de kerk kwamen waren onze arme zangeressen en zangers zo uitgeput, dat we ons tevreden hebben gesteld met de zegen met het Allerheiligste en het plechtige Te Deum maar achterwege gelaten hebben (Brief 15 juni 1874).

Ruben Boon

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s