“Zijn geest is hier”

Hij blijft

Damiaan had een goede band met de Hawaiianen. Op Molokaï werd die alleen nog maar sterker. De Hawaiianen sloten hem in het hart. Hij was werkelijk één van hen geworden. “Hij zorgt goed voor ons en laat het ons aan niets ontbreken. We zouden niet weg willen hier als dat een afscheid van Pater Damiaan zou betekenen”, vertelde zijn melaatse vrienden aan een bezoeker. En Damiaan schreef aan een confrater: “Indien ik de keuze mocht hebben hier te vertrekken in goede gezondheid, dan zou ik zonder aarzelen zeggen: ‘Ik blijf hier bij mijn melaatsen tot het einde’’’. Ook na de dood van Damiaan voelden de Hawaiianen zich sterk verbonden met deze Belgische priester-missionaris die zijn leven had gegeven voor hun geluk en welzijn.

Hij vertrekt

Op 27 januari 1936 begaf een grote delegatie zich naar Kalawao, Molokaï. De delegatie hield halt bij het grafmonument van Pater Damiaan in de schaduw van ‘zijn’ Sint-Philomenakerk. Het kruisvormige monument draagt het volgende opschrift: ‘Opgedragen aan de herinnering aan Eerwaarde Pater Damiaan, gestorven als offer van de naastenliefde voor de slachtoffers van de lepra‘. En dat zouden die “slachtoffers” nooit vergeten. Ze hielden de herinnering aan hem levendig. Damiaan was één van hen geworden, Kalawao zijn nieuwe thuis. Hij wilde er niet weg. Hij wilde er zijn en blijven voor zijn melaatse vrienden. Nu werd zijn stoffelijk overschot ontgraven en overgebracht naar zijn ‘oude’ vaderland. Met wat Damiaan en zijn melaatse vrienden het liefst van al wenste, hield men geen rekening.

Bisschop Stephen Alencastre sprak de bewoners van de melaatsennederzetting die morgen toe met volgende woorden:

Dierbare vrienden,

Op dit plechtig ogenblik geef ik me ten volle rekenschap van uw gevoelens bij het zien van het wegbrengen van de stoffelijke resten van Eerwaarde Pater Damiaan, uw toegewijde priester en trouwe vriend. Wij hebben uw klachten en protesten gehoord, wij begrijpen ze en in alle oprechtheid waarderen we ze omdat ze voor ons een krachtig bewijs leveren van de achting waarmee gij de herinnering hoog houdt van de martelaar van de naastenliefde die 66 jaar geleden naar dit verbanningsoord kwam om zich toe te wijden aan de lijdende mensheid. (…)

Zijn laatste rustplaats hier midden onder u, gedurende 46 jaar, was een bron van inspiratie voor edele zielen die hier zijn dienst van toewijding verder zetten.
Vandaag verlangt zijn geliefde België, dat hem aan ons uitleende, hem terug en wil hem elke eer geven welke hem toekomt en die hem hier op deze geïsoleerde plek die Kalawao is geworden niet kan worden geschonken. Het is om deze reden dat het wenselijk is dat hij terugkeert om te rusten te midden van zijn volk. Dat is niet alleen goed voor hem maar ook goed voor ons.

Ginder, zeer ver, beschouwt men hem als een nationale held, hij zal rusten te midden van zijn landgenoten en zal voor hen, door zijn roemrijke aanwezigheid, voorwerp zijn van bewondering en inspiratie (…)
Het overbrengen van zijn stoffelijke resten naar België zal hem de eerbetuigingen schenken welke wij hem niet kunnen geven met die eer die hem terecht toekomt.

Wellicht bespoedigt het eveneens de dag waarop onze Moeder de heilige Kerk, door een uitspraak van haar roemrijke Voorganger, zijn illustere naam zal plaatsen in de glorierijke catalogus van de heiligen. Hij zal dan voor immer erkend worden als de martelaar van Molokaï en hij zal anderen aansporen om in zijn voetspoor te treden.

“Zijn geest is hier”

Damiaans melaatse vrienden stonden er maar beteuterd bij. Verontwaardiging en droefheid tekenden hun gezichten. Ze brachten hun vriend een muzikale afscheidsgroet. Samen zongen ze Ke Ola , ‘Jezus is het leven’ en ‘Aloha Oe’, gecomponeerd door koningin Liliuokalani, die Pater Damiaan tijdens zijn leven voor zijn grote verdiensten had geridderd. Een grotere eer vanwege het protestantse Hawaiiaanse koningshuis kon een katholieke missionaris niet te beurt vallen.

Buiten zijn wil om verliet hij dan toch de melaatsennederzetting. Maar tot op vandaag klinkt volgende reactie op de overbrenging: “Pater Damiaan hoort hier thuis, niet in Leuven, en ook niet in de kathedraal van Honolulu. Jullie hebben hem van ons hier weggenomen… Maar zijn geest is hier, en die kunnen jullie ons niet ontnemen”.

Ruben Boon

Bron: Rapport over het opgraven van de stoffelijke resten van eerwaarde Pater Damiaan De Veuster ss.cc., van de Consul van België in Honolulu aan de Belgische Minister van Buitenlandse Zaken, zie Damien Info, nr. 24, 20 november 2002, 2-23.

Afbeelding: copyright Damiaan Vandaag

De ziel van Molokaï

De actuele gebeurtenissen laten hun sporen na. Terreur voedt de angst en het wantrouwen, het niets ontziend geweld de haat en wrok. Het ongeloof en de vertwijfeling is groot. Wat bezielt de mensen toch? We mogen dan wel niet over ons heen laten lopen, maar vreedzaam en geweldloos verzet is de enige uitweg met toekomst. Wapens brengen nooit vrede, woorden wel. Hoe moeilijk is het om voorbij afkomst, huidskleur, cultuur, religie of levensbeschouwing onze medemens in de vreemde ander te zien. En hebben we dan het lef om de mens te ontmoeten, of zetten we hem of haar dadelijk in één van onze hokjes? Als je de mens in de ander leert kennen, ontkiemt het wederzijds begrip en respect in hoofden en harten.

Ketters en afgodendienaars

Het is ook wat Damiaan overkwam, toen hij als priester-missionaris werkte op de Hawaii-eilanden. Hij kwam er aan in 1864 en begon ijverig te bekeren. De katholieke missionarissen hadden hun achterstand tegenover de protestantse zendelingen in te halen. Het waren geen goede vrienden en geregeld werden er scheldwoorden heen en weer geslingerd als ketter en afgodendienaar. En ook Damiaan sprak van het “vergif van de protestantse ketterij”. In zijn beginjaren trok hij dan ook ten strijde en was hij steeds in competitie met zijn protestantse concurrent. Trots schreef hij over een wedstrijdje heuvel beklimmen in zijn district Kohala op het eiland Hawaii. Zijn concurrent had maar liefst 2 uur nodig om de 600 hoogtemeters te overwinnen, terwijl hij de klus had geklaard in nog geen drie kwartier.

Copyright Damiaan Vandaag

Copyright Damiaan Vandaag

Steun en toeverlaat van iedereen

Op 10 mei 1873 kwam Damiaan aan in de melaatsennederzetting van Molokaï. Het waren de protestantse kranten uit de Hawaiiaanse hoofdstad Honolulu die zich weinig aantrokken van Damiaans theologie en hem alle lof toezwaaiden. De priester-held van Molokaï zou doorheen de jaren opvallend veranderen. Te midden van zijn melaatse medemensen, zag hij grenzen van religie en levensbeschouwing vervagen. Na enkele jaren telde hij omzeggens meer protestanten onder zijn vrienden dan katholieken, die hem met sympathie en inzamelacties bijstonden. Damiaan beschouwde zich als de steun en toeverlaat van iedereen. Hij schrijft het zelf: “Ik ga op bezoek bij zieken van wie de helft katholiek is. In elke hut waar ik binnenkom, begin ik met het aanbod hun biecht te horen. Zij die deze geestelijke hulp weigeren krijgen daarom evengoed hulp op tijdelijk gebied. Die wordt aan allen zonder onderscheid gegeven”.

Afgescheiden broers en zussen

Hij spreekt niet langer van ketters of afgodendienaars. Hij heeft het dan wel niet voor het calvinisme of mormonisme, maar zo spreek je toch niet over vrienden. Voortaan heeft hij het over zijn afgescheiden broers en zussen. Hij vindt het aangenaam dat ze het zo goed met elkaar kunnen vinden. De verschillende kerkgemeenschappen op Molokaï liggen niet met elkaar in de clinch. Ze vinden elkaar voor het welzijn van hun zieke parochianen. Oversten begrijpen er als buitenstaanders maar weinig van. Zo krijgt Damiaan van hogerhand te horen dat hij zich niet langer mag inlaten met zijn Mormoonse vrienden. Het raakte hem diep en schrijft zijn vrienden met spijt in het hart dat hij dient te gehoorzamen. Of hij in de praktijk ook daadwerkelijk gehoor heeft gegeven aan dit onmenselijke bevel, valt te betwijfelen.

Copyright Damiaan Vandaag

Copyright Damiaan Vandaag

Een uitmuntende naastenliefde

Ooggetuigen vertellen immers dat “zijn naastenliefde voor niet-katholieken even groot was als voor zijn eigen mensen. Wij hebben zelf gezien dat de protestanten tot bij Damiaan gingen en vroegen om kippen, eieren, tabak, suiker, enz. En Pater Damiaan gaf het hun zoals hij aan katholieken gaf. Hij was altijd aangenaam en bereid om te helpen”. Toen Edward Clifford, de anglicaanse vriend van Damiaan, op bezoek was in de melaatsenkolonie, noteerde die dat “hij (= Damiaan) verlangde, heel natuurlijk, dat zijn Engelse vrienden, die hem met zoveel sympathie en naastenliefde te hulp waren gekomen, deel zouden uitmaken van zijn kerk maar ik was blij te constateren, in mijn gesprekken met hem, dat hij niet geloofde dat de protestanten noodzakelijk veroordeeld waren tot de eeuwige dood”. En Clifford onderstreept dat “Damiaan altijd blijk gaf van een uitmuntende naastenliefde, ook tegenover meningen die hij als verkeerd beoordeelde”.

Empathie en de ziel van Molokaï

De Damiaan van Molokaï verschilt wel degelijk van de Damiaan werkzaam op het eiland Hawaii. Voorbij de vreselijke lepraziekte, ziet hij een mens. Voorbij de ketterse ander, een broer of zus, vriend of vriendin. Damiaan is empathisch. Hij leeft zich in. En zo groeit er vrede, wederzijds begrip en respect in de hoofden en harten van mensen over alle grenzen heen. Het is die vreedzame vrede (geen gewapende vrede!), de grenzeloze vriendschap en dat wonderlijk respect die de melaatsennederzetting van Molokaï bezielen. De ziel van Kalaupapa (Molokaï) kan ons ook vandaag bezielen en op weg zetten naar een nieuwe vreedzamere en menswaardigere toekomst!

Ruben Boon

De ziel van Kalaupapa

 

Met The Soul of Kalaupapa vertelt Fred Woods het wonderlijke verhaal van de ervaring van Kalaupapa. Tussen 1866 en 1969 bracht de Hawaiiaanse overheid de met lepra besmette Hawaiianen gedwongen samen in de melaatsennederzetting op Molokaï. Als vreemden werden ze gedropt in een onherbergzame omgeving. Ondanks verschillen van geloof en levensovertuiging vonden de inwoners van Kalaupapa elkaar in ziekte en lijden. Waar religies en levensbeschouwingen elders elkaars rivalen waren, leefden hun vertegenwoordigers en aanhangers op Molokaï vriendschappelijk en respectvol samen. De gedeelde ervaring van ziekte en lijden deed alle grenzen vervagen en verschillen verbleken. De geest , de ziel van Kalaupapa is die van broederlijkheid, respect en vriendschap. De katholieke Pater Damiaan en de mormoon Jonathan Napela gaven bij hun aankomst in de nederzetting het voorbeeld. Ze werden goede vrienden. Beiden maakten mee van Kalaupapa een plek van dialoog en oecumene, een spirituele plek. Over de ziel van deze bijzondere plek en haar grenzeloze spiritualiteit daarover heeft professor Woods het in zijn lezing.

Fred Woods is professor aan het Departement Mormoonse Kerkgeschiedenis en kerkleer van de Brigham Young University in Provo (Utah, Verenigde Staten). Hij doet onderzoek naar o.a. Pater Damiaan, de aanwezigheid van de mormoonse gemeenschap op Kalaupapa en de spiritualiteit en filosofie van de plaats Kalaupapa. Hij is tevens lid van de de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen.

Tekst lezing (Engels): Lecture for Damien Center by Fred Woods

Tekst lezing (Nederlands): lezing Dr Woods

Hij leeft!

Onlangs bezochten we iemand in het Geriatrisch Centrum (WZC Damiaan) in Ninde (Tremelo). Dat ligt in de Pater Damiaanstraat. Het trof me, want de foto bij zijn heiligverklaring op 11 oktober 2009 hangt sedertdien voor mij op mijn bureau. Jozef De Veuster, de latere Pater Damiaan, was een man met een droom en daar gaf hij zijn leven voor.
Zijn eenvoud en daadkracht blijven hem sieren.

Vóór het Centrum, midden een grasperk, trof ons een immens beeld gemaakt door Simon Levi. Op het bijhorende plaatje lazen we de titel: Zelfgave. We maakten er bijgaande foto van: twee handen die mekaar raken, maar duidelijk zoekt de gebogen hand steun bij de gestrekte.

copyright Louisa Janssens

copyright Louisa Janssens

In de onthaalbrochure van het Centrum schrijft Pater Robert Desmet dat dit kunstwerk verwijst naar Pater Damiaan, die zich totaal gaf aan de melaatsenkolonie op Molokaï. Daar werd hij voor die mensen hun steun en toeverlaat. Als een gezonde boerenzoon uit Tremelo vertrok hij naar het eiland om de meest uitgestotenen nabij te zijn met zijn hulp, zijn bemoediging en zijn groot geloof.
Deze handen duiden echter ook op wat nu elke dag gebeurt in het Geriatrisch Centrum, waar mensen beroep doen op dokters en verplegend personeel om hun het leven draaglijk te maken.

De zieke die we bezochten, was tevreden. Hij had leren leven met zijn beperking. Dat had hij voor een groot stuk te danken aan de vele zorgverleners, die hem al maanden bijstonden met raad en daad. En eindeloos geduld.
Bij het weggaan, wilde ik toch nog even een dienstdoende verpleegster aanspreken en ik onthutste haar duidelijk met mijn vraag: ”Leeft de geest van Pater Damiaan hier nog in het ziekenhuis?”

Die vraag kreeg ze duidelijk niet elke dag gesteld. Aan praktische vragen en hulp voor verzorging was ze meer gewend. Ze dacht even na en vroeg ons even te wachten. Ze kwam terug: “Dat is mijn beeldje van Pater Damiaan, het is mij heel erg dierbaar. Het staat bij mij en het geeft mij steun en kracht.“
Ik had het graag gefotografeerd. Daar was ze duidelijk mee in de wolken! Ze zette het op een tafeltje. Ze straalde om die waardering voor haar beeldje en ze was duidelijk gelukkig met die aandacht voor Pater Damiaan.

copyright Louisa Janssens

copyright Louisa Janssens

Mijn vermoeden was juist: in Tremelo leeft Pater Damiaan verder.
Maar ook op vele andere plaatsen. Gewoon over de hele wereld, wordt hij vereerd en nagevolgd om mensen nabij te zijn, mensen die het moeilijk hebben en die zich wel eens ten einde raad weten, die zo blij zijn met een beetje aandacht en vriendelijke verzorging.  Velen, ook vele jongeren engageren zich om de acties rond Pater Damiaan te ondersteunen.

Ruben Boon, projectleider ‘Damiaan Vandaag’, schrijft:
Damiaan leeft verder in ons telkens als we iets goeds, iets kleins of iets groots, doen voor iemand anders. Als we geen oogkleppen opzetten maar opzij durven zien, naar mensen aan de rand, die het moeilijk hebben, nood hebben aan een luisterend oor, een schouderklopje, een helpende hand, dan leeft Damiaan verder in en onder ons. En zo gaan vele mensen, elke dag opnieuw, bewust en onbewust, in Damiaans voetsporen, door gewoon mens te zijn voor de mensen!”

Daar mogen we zeker van zijn: Pater Damiaan blijft inspireren om mensen, vaak totaal afgeschrevenen, liefdevol te helpen en te begeleiden.Toen ik weer thuis was, keek ik toch even naar “mijn” Damiaan!
Knipoogde hij nu niet terug?

Louisa Janssens

Foto’s: copyright Louisa Janssens